submenu

Home


doneerbutton

ANBI

TwitterGoogle BookmarksLinkedInRSS Feed

Nieuwsbrief

Bent u al geabonneerd op de Vajra nieuwsbrief?
aanmelden nieuwsbrief

 

content

Henk werkte vanaf 1999 tot en met 2004 als vrijwillige arts mee aan de health camps



'De meeste mensen in Nepal wonen op een boerderij. De vrouw heeft een centrale positie binnen het gezin, maar haar verantwoordelijkheden zijn zo zwaar, dat haar gemiddelde levensduur korter is dan die van de man, in tegenstelling tot de meeste landen elders ter wereld. Het is haar taak 's morgens drinkwater te halen, soms anderhalf uur lopen. Ook het verzorgen van het grote en kleine vee, zoals koeien, geiten, schapen en kippen, en de maaltijden komt voor haar rekening, evenals de afwas, zonder zeep en warm en koud stromend water.

Men eet twee keer per dag warm: dal (linzen) en bhat (rijst). Koken gebeurt op een houtvuur midden in het enige vertrek van de boerderij. Er is geen schoorsteen, zodat de rook via de zolder verdwijnt. Alles ziet zwart van het roet. Hoewel dit conserverend werkt op het hout, is het desastreus voor de luchtwegen van de bewoners. Van de patiënten die wij zagen, heeft 45 procent problemen met de ademhalingsorganen.

De scheiding tussen afvalwater en drinkwater is onvoldoende. Zo zijn er vaak geen of onvoldoende latrines. Uit onderzoek van Jan Post en Jan de Ron, studenten aan de Technische Universiteit van Delft, bleek dat in het betrokken gebied alle drinkwater besmet was met colibacteriën. Zo'n 30 procent van alle patiënten heeft dan ook maagdarmklachten.

Ongeveer 20 procent van alle onderzochten is ernstig ziek en krijgt de mogelijke diagnostiek en therapie. De onderzoeken vinden vaak plaats in een schoollokaal. Het meubilair is spaarzaam. Een gammel tafeltje, wat (school)banken en een stoel, soms met een kussen voor de dokter! Het licht is slecht, want in verband met spionerende kinderen zijn de luiken geheel of gedeeltelijk gesloten. Alleen de deur laat licht toe. Dit maakt de diagnostiek à vue er niet eenvoudiger op. In ons geval waren er eenvoudige, praktische statussen aanwezig, een dubbelgevouwen A4-tje met opdruk van naam, leeftijd, geslacht, datum etc.

We begonnen meestal om half acht. Het schoolplein stond dan al vol mensen: gelukkig niet allemaal patiënten, maar ook familie, vrienden, kennissen en kinderen. Vooral kinderen, van alle leeftijden. Je bent als buitenlandse arts onvoorstelbaar populair. Je wordt ontvangen met bloemenkransen, toespraken en soms zelfs een koortje. Als je ten slotte vertrekt, kan het afsluitingsceremonieel uren duren. Om kort te gaan, het is een soort jaarmarkt waar iedereen elkaar weer eens treft. Er wordt gegeten, gedronken en vooral gelachen, want deze mensen zitten niet bij de pakken neer, maar beleven alles intens en opgewekt. Kleine kinderen kijken je bij het onderzoek met groot vertrouwen aan en huilen zelden of nooit. Kennelijk worden ze met vertrouwen in hun omgeving opgevoed. Zelden vallen er klappen. Van enige privacy is geen sprake! lederen beleeft alles mee. Men hangt voor de deur van de spreekkamer over elkaar heen om niets van het schouwspel te missen. Kinderen worden zonder succes weggejaagd en komen even snel weer terug. Je ziet hun 'koppies' gluren voor de getraliede, vensterloze ramen. Het onderzoek met stethoscoop en andere hulpmiddelen is fascinerend voor hen.

De meegebrachte geneesmiddelen, verschaft door de Rotary Club in Arnhem-Oost en Apothekers zonder Grenzen, bewijzen goede diensten. Antibiotica, eenvoudige sulfapreparaten, antiwormmiddelen, anti-infectueuze zalven, oog- en oordruppels: ze komen allemaal van pas. De patiënten zijn ontroerend dankbaar.'